Nederlanders weg uit Nederland

Door Dr. Gert Jan Mulder

Onlangs kreeg ik tijdens de koningsdagviering van de auteur Albert Verhulst zijn boek “Wrakstukken” in mijn handen geduwd. Of ik de moeite wilde nemen om het lezen en hem te vertellen wat ik ervan vond. Hij wilde als tegenpresentatie ook een boek van mij hebben.

Albert woont met Wieke al weer enkele jaren in Uruguay. Albert is de 75 jaar gepasseerd maar dat is hem niet aan te zien. Hij is fysiek sterk, kijkt helder uit de helblauwe ogen, oogt aan de kleine kant, vooral naast zijn wat forsere Wieke, hij is schilder/kunstenaar, en is momenteel een huisje aan het verbouwen in het dorp, op 25 kilometer afstand waar zij in 2005 hun boerderijtje “Doña Rosa” hebben gekocht en daar sinds 2008 definitief wonen. Albert kan alles!

Het boek verhaalt onder andere van de tocht van ruim 4 maanden die Albert maakte vanaf IJmuiden in 2011 met zijn motorzeilbootje de “Rolleman” naar La Paloma in Uruguay. Albert was al 72 toen hij aan de tocht begon. Eigenlijk gaat het boek over de tocht van Albert die hij maakte door het leven, waar hij een niet chronologisch verslag van doet, van de ‘achterban’ die hem bijstond, van de kunst en de cultuur die hem vormde, terugwierp op zijn identiteit, tot datgene dat hem maakte tot de persoon die hij geworden is, een tedere, emotionele en broze man. Het werd vooral een teder boek.

Ik las dit boek van achteren naar voren. Dat doe je niet maar zo. Ik deed dat om het gevoel dat ik had bij de schrijver Albert, en al bladerend kwam ik tot het inzicht dat hij het boek niet chronologisch had samengesteld. Het zijn flarden van belevenissen, ervaringen, meningen, indrukken en interacties met mensen en gebeurtenissen, dingen die Albert overkwamen.  Uit eerdere contacten met Albert en Wieke was het me al duidelijk geworden dat ze net als zoveel andere buitenlanders in Uruguay, ernstig waren bedrogen door lokale mensen hier. Nergens anders heb ik teruggevonden wat dat met iemand kan doen dan in dit boek van Albert: Met twee woorden Spaans hadden ze in 2005 Doña Rosa gekocht, om er al rap achter te komen dat Uruguay en de Leugenplaneet uit een Science Fiction boekje uit zijn jeugd identiek bleken.  Een omgang met elkaar waarin draaien en liegen, manipuleren van woorden van een ander door iedereen als hoogst normaal wordt ervaren, en waarop de vraag: “hoeveel Uruguayanen er eigenlijk te vertrouwen zijn”, meestal wordt beantwoord met: “geen één!”.

Wieke zelf komt uit de gezondheidszorg in Nederland en is er na de zoveelste reorganisatie op uitgekeken geraakt en is inmiddels al weer wat jaartjes met pensioen.

Albert observeert scherp. Hij beschrijft nauwkeurig welke processen er zich in Nederland de afgelopen jaren voltrokken, in een mengeling van digitalisering, de oprukkende verstedelijking en verharding en de voortschrijdende individualisering. Hij voelde er zich steeds minder thuis.

Albert werd in 1939 in Leiden geboren en is er zeker van dat hij zijn laatste adem zal uitblazen in Uruguay. Hij wilde zijn boek aanvankelijk “De Tocht” noemen, maar het is “Wrakstukken” geworden: beschadigde onderdelen dus.

De beschadigingen worden op diverse plaatsen en op verschillende manieren beschreven. Niet alleen beschadigingen van de hoofdfiguur zelf, maar van en door  de omstanders en andere betrokkenen, die hij soms ‘Achterban’ en ‘Slepers’  noemt (slepers zijn in de scheepvaart die lui die anderen uit de penarie halen), hoe zij vrienden verloren in de afgelopen jaren (Fran en Franneke), hoe hij met het bootje, vrij onvoorbereid de wereldzeeën bevoer, stormen trotseerde en hoe hij werd gered na motorpech door de Braziliaanse Marine. Dat alles verdwijnt voor mij in het niets wanneer hij argeloos beschrijft hoe hij als kleine jongen van zes in 1945 met zijn “foute Nederlandse ouders” in Hannover terecht kwam en daar wegens oorontsteking aan beide oren werd geopereerd.

Ik begreep toen in volle omvang de betekenis van de titel van het boek van Albert: wrakstukken. Het staat er niet met zoveel woorden en toch wordt alles gezegd en verduidelijkt door Albert. Hoe het komt dat hij het boek niet chronologisch schrijft, maar opbouwt uit de flarden, uit het hoofd en het hart, een emotioneel en teder mens, die niet alleen averij opliep met zijn bootje op zee, maar diverse malen in zijn leven, en besluit met door hemzelf op Adriaan Roland Holst geplagieerde en verwrongen dichtregels;

Laten wij zacht zijn voor elkander, kind

En niet meer van mateloze liefde spreken

Maar opgaan in de trek van tij en wind

Mee de restanten van mijn gebreken

En ik was stil.

Wrakstukken, Doña Rosa, Uruguay (2014), Albert Verhulst, Valkhofpers, Nijmegen onder redactie van Gerrit Vroon.

 

 

 

 

 

 

 

Tweet about this on TwitterShare on FacebookPrint this pageEmail this to someone

5 Reacties

  1. Hoe naïef om te denken dat het elders paradijselijk is. Ontsnappen kan niet meer, alleen van de drup in de regen.
    Om te beseffen hoe dom je bent moet je slim zijn.

  2. Slap gelul. Wachten tot 50 x 2% levensjaren = 100% AOW opleveren. Dan wijsheden verkondigen in het gezicht van mensen met minder jaren. Die per ongeluk of bewust voor elk jaar gekort worden. Droplul was de naam voor die landgenoten. Helden in andere boeken.

  3. drgertjanmulder

    11 mei 2015 op 13:22

    Het gaat uitstekend met Albert

    • Ik herlas mijn reactie op het stuk, en realiseerde mij dat een web van leugens en bedriegerij net zo goed in Nederland ligt. Dat brengt de stand Nederland-Uruguay, wat betreft redenen om te vertrekken, dus op 2-1.
      Jullie hebben het goed bekeken.

  4. Mooi geschreven!
    Hopelijk voelt Albert zich nu toch thuis genoeg om gelukkig te kunnen zijn.
    Of was het resultaat van zijn overtocht eigenlijk meer een desillusie, en moet hij het nu gewoonweg niet (meer) doen met ‘digitalisering, de oprukkende verstedelijking en verharding en de voortschrijdende individualisering’, maar met een cultuur waarin de onderlinge communicatie schijnbaar gevat wordt in een web van leugens en bedriegerij?
    Welk gras is groener?

© 2022 De Nieuwe Realist

Thema door Anders NorénOmhoog ↑