Titel   recensie Broers
Auteur  Paul Groot
Aanmaakdatum   05 juni 2002 11:23:13
Reactie
Beste joost, ik weet niet of mijn bijdrage op jouw weblog is doorgekomen, ik zie niks verschijnen, dus hier maar nogmaals mijn recentie, die ik al eerder geschreven had . ik ben me werkelijk doodgeschroken van jou stemmmotivatie, daarbij was mijn ergernis over je boek maar een onbelangrijke irritatie. Waar heb je inde jaren negentig gezeten, wat voor frustraties heb je opgelopen? ik ben verbijsterd groet paul groot "Enfin. Groot heeft de professionele schrijver in mij weer even iets laten doorzien. Wat precies? We nemen nog zo'n aangepast kopje koffie. Met een iets minder aangepast glaasje grappa ernaast. Het gesprek is voorlopig niet afgelopen." (Joost Niemoller in gesprek met Paul Groot, Eerste Klas, ergens 1989 Beste Joost, Dank voor het toezenden van je roman, hierbij een korte reactie: Het is in slechte romans altijd hetzelfde. Anders dan de hoofdfiguur die natuurlijk zoveel sterker is alleen al doordat hij zo eerlijk zijn zwakke kanten laat zien, staan dan de figuren die niet deugen, geen talent hebben, muurbloempjes van de hogere cultuur van de schrijver zijn. Ze staan daar wat wezenloos in de kou, doornat, afgepeigerd, en kunnen zo mooi in het perspectief geplaatst worden van de helden waar de schrijver zelf voor valt. In "Broers", door de flaptekst een sleutelroman >>genoemd, is het niet anders: een verzameling nietsnutten, >>uitvreters, halve randdebielen en kunstenaarstuig staat >>daar onuitstaanbaar te wezen om de goddelijke kracht van >>van Gogh, de schilder Lucien Freud en de popgroep Joy >>Division extra cachet te geven. Zij ( en natuurlijk de >>schitterende figuur van de schrijver zelf) zijn de >>onuitwisbare achtergrond waartegen Marja Bosma, Rob >>Scholte, Dalstar, Peter Klashorst , Peter Giele en >>ondergetekende hun beklagenswaardige tragi-komedie >>opvoeren. Hun handelingen worden in het licht van de >>godelijke handelwijze van de echte talenten (waar de >>schrijver zich aan optrekt) tot weerzinwekkende >>schaduwgebaren. >> Om positief te beginnen: ik hou eigenlijk niet zo van >>die narcistische uitingen waaran het alternatief van de >>schrijver zich meestal bezondigd in sleutelromans, maar >>dat doe je heel goed. Tenminste, het is alsof je een >>spiegelbeeld van de doeken van Lucian Freud neerzet in de >>overwegingen van de hoofdfiguur. Jij houdt van die Lucian >>Freud omdat je zijn talent met hem gemeen hebt, ook jij >>kunt inderdaad de mens in al zijn naaktheid mooi >>neerzetten. Beter zelfs, want Freud is veel >>halfslachtiger, hij heeft er altijd de ander voor nodig, >>jij bent veel moediger en zet je zelf ongecensureerd neer. >>Waar Freud de ander, een tweede nodig heeft om zijn >>ongezouten wereldbeeld vorm te geven, ben jij pas gedreven >>als je zelf in beeld komt. Dan ontstaat er een mooi >>spanning die mooi doet denken aan die schilderijen van >>Freud. Je laat daarvoor een tentoonstelling in het >>Stedelijk plaatsvinden zodat de lezer begrijp dat onze >>held niet helemaal van de straat is. Zo ziet hij zichzelf >>wel het liefst: cultureel redacteur met een afwijking voor >>het vulgaire, het straatgebueren, de dood, en natuurlijk >>de doeken van Lucian Freud. Maar Freud kijkt naar de >>ander, jij kijkt alleen naar je zelf en observeert jezelf >>en doet dat goed, schitterrend soms, in de rest ben je >>niet geinteresseerd. Ik haat die schilder, die jij zo >>bewonderd, het is iemand waarvan de critici in Engeland >>denken (die altijd nog in the Englishness of English art >>geloven) dat hij de genialiteit van zijn grootvader bezit. >>Precies het tegendeel zou ik zeggen: Sigmund fabuleerde er >>op los, Lucian wil alleen maar de stikkende, ware >>menselijke existentie zien. Een verpleger die er niet >>genoeg van krijgt thuis op feestjes te vertellen wat hij >>niet allemaal aan vreselijks meemaakt. Jij lijkt daar wel >>een beetje op, en je doet het goed, zo goed dat als je die >>toon had weten vol te houden, al die buitenstaanders eruit >>had geknipt en er een ongenaakbaar zelfportret zonder >>broers en zusjes van had weten te maken, je een goeie >>novelle had geschreven. >> Maar je wilt eigenlijk die verpleger niet zijn, je wilt >>ook werkelijk laten zien dat je ook van kunst en kultuur >>kaas gegeten hebt. Dat je zowaar met kunstenaars enzo bent >>omgegaan, en oh oh, wat zijn dat een rare mensen. Meer dan >>een decennium heb je erover gedaan om te bekomen van je >>verwondering, je bewondering, tot je ineens kennelijk >>begreep dat die bewondering eigenlijk nergens op sloeg, en >>toen alsnog je gelijk ging halen. Door middel van een >>roman. Jammer alleen dat je geen romans kunt schrijven. >> Ik herinner me dat ik je voor het laatst in het Stedelijk >>sprak, de plek waar jij kennelijk zoveel inspiratie >>vandaan haalt. Wij zaten tegenover elkaar, even verderop >>zat Hugo Claus, voor jou allerminst een voorbeeld, je keek >>nogal minachtend op hem neer. En je verwoordde dat ook. Ik >>keek ervan op, nog steeds, want ik vind dat jouw >>minachting werkelijk nergens op gebaseerd is. Als er een >>truc is waar jij geen weet van hebt maar die Claus zo goed >>onder de knie heeft, is het wel hoe familierelaties in >>beeld te brengen en onder spanning te zetten. Letterlijk >>iedere zin van hem vibreert onder die nooit zo expliciet >>geformuleerde, maar als vanzelf aanwezige spanning. Jij >>noemt je boek "broers", en moet expliciet verwoorden dat >>er sprake is van een dergelijk beeld. De broer die zijn >>afwezige broer telkens maar wil aanwezig maken, of het >>verlangen naar hem getuigt. Claus' boeken gaan allemaal >>daar over, zijn een groot incestueus geheel. In welke >>relatie de figuren ook met elkaar staan, in de situaties >>waarin Claus mensen neerzet is als vanzelf een familiair >>gevoel waarneembaar, een nestgeur die altijd maar gevaar >>loopt uit de hand te lopen. Het kan vervelen als Claus >>zijn dag niet heeft, maar als hij op dreef is, is hij >>weergaloos en is zijn werk een grote kokende soep van >>familierelaties, van broers en zusters, en vaders en >>zonen, moeders en dochters, neven en nichten die het met >>elkaar willen doen, of hebben gedaan, of er geestelijk en >>lichamelijk van smullen, of er juist problemen mee hebben, >>meestal beide. Daarbij vergeleken zijn jouw relaties >>werkelijk van een tragische eendimensionaliteit. Er moet >>aan de hand van ware gebeurtenissen in de krant vermeld >>aangegeven worden dat onze held lijdt aan een >>broedercomplex. Moeizaam worden Kain en Abel erbij >>gehaald, alles wat in Freudiaanse zin juist onbesproken >>moet blijven, maak jij expliciet zodat er van een >>onderhuidse spanning natuurlijk geen sprake kan zijn. >> En voordurend moet er afgezeken worden. Eerst vraag je >>je af waarom, uiteindelijk heb ik begrepen waarom: je >>zeikt af uit jaloezie, omdat je gewoon geen enkel >>artistiek zintuig hebt, en dat maakt je jaloers. Zoals >>waarschijnlijk Lucian op Sigmund' fantastische >>verbeeldingkracht jaloers is. Die Lucian Freud moet het >>net als jij zonder esthetische zintuigelijkheid doen, het >>is een vreselijke eendimensionaliteit waarmee maar >>moeilijk te leven valt. En om dat gemis te compenseren ga >>je er anderen ook van verdenken. En anderen die je wel >>bewonderd ermee opzadelen. Of denk je werkelijk dat het >>genie van Joy Division zo eendimesional is, zo beperkt >>is. Ik geloof er niets van , het is omdat jij dat >>artistieke zintuig mist, en niet hoort wat anderen in die >>muziek horen. Jij merkt niet dat Joy Division een echte >>esthetische component bezit, dat Joy Division weet heeft >>van artistieke sferen die de de muziek op een heel wat >>interessanter niveau brengen dan wat jij erin hoort. Wie >>ook maar een beetje gevoel in zijn kloten heeft, hoort die >>spanning, alleen jij hoort hem niet. Joy Divison spreekt >>niet over een zwarte mis en zo,over een leeg >>begravenisritueel, maar appeleert aan het bestaan van een >>ondragelijke esthetika, en dat is iets waar jij geen kaas >>van gegeten hebt, nu niet, maar in de jaren tachtig al >>helemaal niet. En dat zit jou zo dwars dat je bijna >>twintig jaar na dato anderen alsnog kwalijk gaat nemen dat >>zij wel iets ervaren waar jij alleen maar van kunt dromen. >>En om hen dat in retrospectief ook nog een af te nemen, >>heb je je herinneringen aan de jaren tachtig zo >>kinderlijk plat vorm gegeven. Jij hebt iets gezien, heb >>iets begrepen dat andere aan een hogere honing hebben >>gezogen, en dat genoegen neem je ze kwalijk. >> Bij Peter Klashorst is dat wel heel duidelijk. Dat >> Klashorst begin jaren tachtig ook in die zwarte sfeer >>van Joy Divison werkte (samen met de Ploegen in Sovjet >>Sex), denk je werkelijk dat dat beperkt was tot de >>platheid die jij ervan maakt? Zij hebben die boodschap >>intens en vol vuur beleefd, maar zijn er daarna >>uitgestapt, en terecht. Dat jij er in vast ben gelopen, >>jammer voor jou, maar dan moet je niet doen alsof zij er >>maar niks van begrepen hebben. Jij hebt gezien dat ze de >>door maar weinigen te ontwijken obsessies die de dodelijke >>esthetika van Joy Division meebracht, snel en intens >>doorleeft hebben, en die intensiteit maakt jou jaloers. >>Jij teert nog steeds op die muziek, en neemt Klashorst >>kwalijk niet in die zwarte mis van Curtis gebleven te >>zijn. En dat hij eidn jaren tachtig in een paar uur van >>jou zo'n prachtig portret heeft geschilderd, alleen al de >>aandacht en liefde voor jou in dat doek, ongelooflijk dat >>je hem dan nu zo durft neer te zetten. In zijn vingers zit >>meer aandacht en mededogen en talent dan in jouw hele >>lichaam. >> Als dit een geslaagde roman was geweest had die >>natuurlijk over de broederschap tussen Rob Scholte en Koos >>Dalstra moeten gaan. Wat had de rest er toe gedaan -vooral >>die belachelijk begravenis zonder een lijk- als je >>werkelijk een psychologisch portret had weten te schetsen >>van die twee. Niet aan de hand van ware gebeurtenissen, >>maar als een afschaduwing van hoe zoiets kan zijn, kan >>ontstaan, zich kan ontwikkkelen en tenslotte met die >>tragische gevolgen zich kan uitleven. Zoals je ze nu >>neerzet, het is werkelijk niet te vatten dat je zoiets een >>roman noemt. Hoe kan je lezer zich nu voor figuren >>interesseren die zo eendimensionaal zijn neergezet? Zelfs >>als ze zo plat in het echt zijn, zou jij ze moeten >>oppoetsen, groter maken, beter gekleed en psychologisch >>meer interessant. Want als jij denkt dat jouw karikaturen >> hen slapper en jou sterker maakt, vergis je je. Wij >>vragen ons alleen maar af waarom in godsnaam je over hen >>schrijft, bladzijde na bladzijde, tot we ons realiseren >>dat zij niet degenen zijn die je beschrijft, maar zij >>slachtoffer zijn van jouw gebrek aan talent als romancier. >>Uiteindelijk ben jij het probleem. Je kunt gewoon geen >>geloofwaardige spelers neerzetten, en hun gemis slaat >>uiteindelijk op jezelf terug. Je geeft je figuren geen >>enekel kans te bewijzen dat ze ergens mee bezig zijn. Wat >>is dat nu een sleutelroman? als je er alleen maar op uit >>bent om op die omgeving waarin jij je kennelijk niet op je >>plaats voelde na zoveel jaar alsnog je gelijk te halen? >> Je maakt er werkelijk een puinhoop van, en het lijstje >>op bladzijde 232 is de limit. Alsof je net als de lezer op >>dat ogenblik werkelijk niet meer weet waar de roman nu >>eigenlijk weet van heeft, wie voor wie interessant is, >>waarom de een de andere haat of nodig heeft, wie hoofd- en >>of bijfiguur is in het leven van wie dan ook, geef je in >>vijftien punten weer waar de lezer op moet letten in het >>geval hij net als de schrijver het spoor bijster is. Met >>als verbijsterend hoogtepunt de zin van kosmische en >>komische dimensies: "Over de aanslag zelf hadden we het >>dus niet gehad." Zo is het maar net, en je krijgt de indruk dat er een kladje vol met aantekeningen van jou in het boek is beland. (Trouwens wie een boek dodelijk saai wil maken moet de belangrijkste gebeurtenissen niet werkelijk uitwerken, maar in een derdehandse beschrijving van een van de hoofdfiguren paginalang doorgeven.) Ik vergat nog iets te zeggen over mijn eigen rol in wat de flaptekst een sleutelroman noemt. Ik ben niet bij het NRC ontslagen omdat Komrij mij als aangeschoten wild onbruikbaar had gemaakt. Ik was al eerder weg, uit eigen beweging, nog voordat Komrij aan de hand van zes citaten, die geen van alle van mijn hand waren, bewees dat ik een slecht schrijver was. Komrij was beledigd omdat ik een stukje had geschreven waarin ik hem als een nijlpaard schetste (hetgeen hij twijtig jaar later letterlijk is geworden) en hem de toon van een dominee in de kerk verweet. En aangezien deze heilige zelf niet tegen grapjes kon, was het enige dat hij terug kon doen liegen en bedriegen. Voor de rest is het portret dat je van mij schildert gewoonweg debiel ;je blik op mij is van een dergelijk slap niveau, dat ik niet inga op alle onzinnige noties ervan. Je ziet, eigenlijk ben ik over je Broers niet te spreken. ik vind het een wel heel gemakkelijk reeks karaktermoorden, met een mes in de rug, de slachtoffers krijgen geen enkele kans jouw in de ogen te kijken. Bovendien vind ik het ten opzichte van Scholte een kutstreek om die auto op de cover te zetten, en hem sowieso hier weer te misbruiken. Verzin zelf wat, lafaard! Doe zelf eens wat in plaats van in plaats van als "journalist voor o.a. HP/De tijd, Nieuwe Revues en Vara TV Magazine" je ziel te verkopen. "Vara TV Magazine", je moet het maar uit je strot durven laten klinken. "Vara TV Magazine" .... Ik kan je voorlopig niet vergeven dat je achteraf onze verstandhouding zo kinderlijk denkt uit te buiten, ik had niet met je om moeten gaan. Ik kan niet anders zeggen, ik vind je achteraf een slappe lul , een valse nicht , een puistenkop. Ik neem het Sandra ook kwalijk dat ze me ooit aan jou heeft voorgesteld, en nu bij de presentaties van jouw boek in haar pretentieuze praatje mooi weer speelt met haar kennis van de helden die in Broers alleen maar worden afgezeken. Waar haalt ze de brutaliteit vandaan..... Groet, het ga je goed als "journalist voor o.a. HP/De tijd, Nieuwe Revues en Vara TV Magazine" .... Paul Groot
React
Naar discussie